Achter de Schermen

ACHTER DE SCHERMEN

Schrijfproces van
AdsD1, zin 283

Schrijfproces


1934: Manuscript 'Achter de Schermen' [AdsM1]:

Stap a
Dat wijf, dat tóch al beklaagd wordt, ook al heeft zij géén dolenden vent, midden tusschen die stevige jongens?
_________
Stap b
Dat wijf, dat tóch al beklaagd wordt, ook al heeft zij géén dolenden vent, midden tusschen die stevige jongens?
_________
Stap c
Dat wijf, dat tóch al beklaagd wordt, ook al had zij géén dolenden vent, te midden tusschen die stevige jongens?
_________
Stap d
Dat wijf, dat tóch al beklaagd wordt, ook al had zij géén dolenden vent, te midden tusschen die stevige jongens?
_________
Stap e
Dat wijf, dat tóch al beklaagd wordt, ook al had zij géén dolenden vent, omringd door die stevige jongens?
_________
Resultaat
Dat wijf, dat tóch al beklaagd wordt, ook al had zij géén dolenden vent, omringd door die stevige jongens?
_________

1934: Typoscript 'Achter de Schermen', getypte tekst [AdsM2a]:
Dat wijf, dat tóch al beklaagd wordt door de zaal, ook al had zij geen dolenden vent, omringd door die stevige jongens?

1935: Voorpublicatie 'Achter de Schermen' in Groot Nederland [AdsT1]:
Dat wijf, dat tóch al beklaagd wordt door de zaal, ook al had zij geen dolenden vent, omringd door die stevige jongens?

1935: Correctie-exemplaar Groot Nederland, getypte tekst [AdsM3a]:
Dat wijf, dat tóch al beklaagd wordt door de zaal, ook al had zij geen dolenden vent, omringd door die stevige jongens?

1936: Tsjip, tweede druk [AdsD1]:
Dat wijf, dat tóch al beklaagd wordt door de zaal, ook al had zij geen dolenden vent, omringd door die stevige jongens?

1942: Tsjip, derde druk [AdsD2]:
Dat wijf, dat toch al beklaagd wordt door de zaal, ook al had zij geen dolenden vent, omringd door die stevige jongens?

1943: Tsjip/De Leeuwentemmer, eerste druk [AdsD3]:
Dat wijf, dat tóch al beklaagd wordt door de zaal, ook al had zij geen dolenden vent, omringd door die stevige jongens?

1944: Tsjip/De Leeuwentemmer, tweede druk [AdsD4]:
Dat wijf, dat tóch al beklaagd wordt door de zaal, ook al had zij geen dolenden vent, omringd door die stevige jongens?

1952: Tsjip/De Leeuwentemmer, derde druk [AdsD5]:
Dat wijf, dat tóch al beklaagd wordt door de zaal, ook al had zij geen dolende vent, omringd door die stevige jongens?

1956-57: Tsjip/De Leeuwentemmer, eerste drukproef voor het Verzameld Werk, gezette tekst [AdsP1a]:
Dat wijf, dat tóch al beklaagd wordt door de zaal, ook al had zij geen dolende vent, omringd door die stevige jongens?

1957: Tsjip/De Leeuwentemmer, tweede drukproef voor het Verzameld Werk [AdsP2]:
Dat wijf, dat tóch al beklaagd wordt door de zaal, ook al had zij geen dolende vent, omringd door die stevige jongens?

1957: Tsjip/De Leeuwentemmer, vierde druk, in het Verzameld Werk [AdsD6]:
Dat wijf, dat tóch al beklaagd wordt door de zaal, ook al had zij geen dolende vent, omringd door die stevige jongens?


AdsD1
[20]