Achter de Schermen

ACHTER DE SCHERMEN

Schrijfproces van
AdsM1, zin 233

Schrijfproces


1934: Manuscript 'Achter de Schermen' [AdsM1]:

Stap a
Maar dat is zóó affirmatief dat
_________
Stap b
Maar dDat is zóó affirmatief dat
_________
Stap c
Maar Ddat zou echter zóó affirmatief zijn dat een psychologische opheldering niet zou kunnen uitblijven.
_________
Stap d
Maar dat zou echter zóó affirmatief zijn dat een psychologische opheldering niet zou kunnen uitblijven.
_________
Stap e
Maar dat zou zóó ongevraagd [over] affirmatief zijn dat een psychologische opheldering niet zou kunnen uitblijven.
_________
Resultaat
Maar dat zou zóó ongevraagd affirmatief zijn dat een psychologische opheldering niet zou kunnen uitblijven.
_________

1934: Typoscript 'Achter de Schermen', getypte tekst [AdsM2a]:
Toch zou het zoo ongevraagd affirmatief zijn dat een psychologische opheldering niet zou kunnen uitblijven.

1934: Typoscript 'Achter de Schermen', zwarte inkt [AdsM2b]:
Toch is het zoo ongevraagd affirmatief | dat een psychologische opheldering niet zou kunnen uitblijven.

1935: Voorpublicatie 'Achter de Schermen' in Groot Nederland [AdsT1]:
Toch is het zoo ongevraagd affirmatief | dat een psychologische opheldering niet zou kunnen uitblijven.

1935: Correctie-exemplaar Groot Nederland, getypte tekst [AdsM3a]:
Toch is het zoo ongevraagd affirmatief | dat een psychologische opheldering niet zou kunnen uitblijven.

1936: Tsjip, tweede druk [AdsD1]:
Toch is het zoo ongevraagd affirmatief | dat een psychologische opheldering niet mag uitblijven.

1942: Tsjip, derde druk [AdsD2]:
Toch is het zoo ongevraagd affirmatief | dat een psychologische opheldering niet mag uitblijven.

1943: Tsjip/De Leeuwentemmer, eerste druk [AdsD3]:
Toch is het zoo ongevraagd affirmatief | dat een psychologische opheldering niet mag uitblijven.

1944: Tsjip/De Leeuwentemmer, tweede druk [AdsD4]:
Toch is het zoo ongevraagd affirmatief | dat een psychologische opheldering niet mag uitblijven.

1952: Tsjip/De Leeuwentemmer, derde druk [AdsD5]:
Toch is het zo ongevraagd affirmatief | dat een psychologische opheldering niet mag uitblijven.

1956-57: Tsjip/De Leeuwentemmer, eerste drukproef voor het Verzameld Werk, gezette tekst [AdsP1a]:
Toch is het zo ongevraagd affirmatief | dat een psychologische opheldering niet mag uitblijven.

1957: Tsjip/De Leeuwentemmer, tweede drukproef voor het Verzameld Werk [AdsP2]:
Toch is het zo ongevraagd affirmatief | dat een psychologische opheldering niet mag uitblijven.

1957: Tsjip/De Leeuwentemmer, vierde druk, in het Verzameld Werk [AdsD6]:
Toch is het zo ongevraagd affirmatief | dat een psychologische opheldering niet mag uitblijven.


AdsM1
[12]