Achter de Schermen

ACHTER DE SCHERMEN

Schrijfproces van
AdsP1a, zin 272

Schrijfproces


1934: Manuscript 'Achter de Schermen' [AdsM1]:

Stap a
Nu mijzelf stevig aan den haard vastbetonneeren om van dat kind, dat mij met zijn gekraai mijn boeien breekt, een bovenaardsche kracht te doen uitgaan.
_________
Stap b
Nu mijzelf stevig aan den haard vastbetonneerengemetseld om van dat kind, dat met zijn gekraai mijn boeien breekt, een bovenaardsche kracht te doen uitgaan.
_________
Stap c
Nu mijzelf stevig aan den haard gemetseld om van dat kind, dat mijn boeien breken moet, een bovenaardsche kracht te doen uitgaan.
_________
Resultaat
Nu mijzelf stevig aan den haard gemetseld om van dat kind, dat mijn boeien breken moet, een bovenaardsche kracht te doen uitgaan.
_________

1934: Typoscript 'Achter de Schermen', getypte tekst [AdsM2a]:
Nu mijzelf stevig aan den haard gemetseld om van dat kind, dat mijn boeien breken moet, een bovenaardsche kracht te doen uitgaan, want daar reken ik op om 't publiek te doen opstaan.

1935: Voorpublicatie 'Achter de Schermen' in Groot Nederland [AdsT1]:
Nu mijzelf stevig aan den haard gemetseld om van dat kind, dat mijn boeien breken moet, een bovenaardsche kracht te doen uitgaan, want daar reken ik op om 't publiek te doen opstaan.

1935: Correctie-exemplaar Groot Nederland, getypte tekst [AdsM3a]:
Nu mijzelf stevig aan den haard gemetseld om van dat kind, dat mijn boeien breken moet, een bovenaardsche kracht te doen uitgaan, want daar reken ik op om 't publiek te doen opstaan.

1936: Tsjip, tweede druk [AdsD1]:
Nu mijzelf stevig aan den haard gemetseld om van dat kind, dat mijn boeien breken moet, een bovenaardsche kracht te doen uitgaan, want daar reken ik op om 't publiek te doen opstaan.

1942: Tsjip, derde druk [AdsD2]:
Nu mijzelf stevig aan den haard gemetseld om van dat kind, dat mijn boeien breken moet, een bovenaardsche kracht te doen uitgaan, want daar reken ik op om 't publiek te doen opstaan.

1943: Tsjip/De Leeuwentemmer, eerste druk [AdsD3]:
Nu mijzelf stevig aan den haard gemetseld om van dat kind, dat mijn boeien breken moet, een bovenaardsche kracht te doen uitgaan, want daar reken ik op om 't publiek te doen opstaan.

1944: Tsjip/De Leeuwentemmer, tweede druk [AdsD4]:
Nu mijzelf stevig aan den haard gemetseld om van dat kind, dat mijn boeien breken moet, een bovenaardsche kracht te doen uitgaan, want daar reken ik op om 't publiek te doen opstaan.

1952: Tsjip/De Leeuwentemmer, derde druk [AdsD5]:
Nu mijzelf stevig aan de haard gemetseld om van dat kind, dat mijn boeien breken moet, een bovenaardse kracht te doen uitgaan, want daar reken ik op om 't publiek te doen opstaan.

1956-57: Tsjip/De Leeuwentemmer, eerste drukproef voor het Verzameld Werk, gezette tekst [AdsP1a]:
Nu mijzelf stevig aan de haard gemetseld om van dat kind, dat mijn boeien breken moet, een bovenaardse kracht te doen uitgaan, want daar reken ik op om 't publiek te doen opstaan.

1957: Tsjip/De Leeuwentemmer, tweede drukproef voor het Verzameld Werk [AdsP2]:
Nu mijzelf stevig aan de haard gemetseld om van dat kind, dat mijn boeien breken moet, een bovenaardse kracht te doen uitgaan, want daar reken ik op om 't publiek te doen opstaan.

1957: Tsjip/De Leeuwentemmer, vierde druk, in het Verzameld Werk [AdsD6]:
Nu mijzelf stevig aan de haard gemetseld om van dat kind, dat mijn boeien breken moet, een bovenaardse kracht te doen uitgaan, want daar reken ik op om 't publiek te doen opstaan.


AdsP1
[8]